Alarmknipperlichten

2C_HazardWarningLamp

De alarmknipperlichten dienen ervoor om de overige weggebruikers te waarschuwen om extra voorzichtig te zijn bij het naderen, inhalen of passeren van uw voertuig.

Ze moeten worden gebruikt in noodsituaties of als de auto aan de kant van de weg tot stilstand is gekomen.

Om de alarmknipperlichten in of uit te schakelen, drukt u de knop van de alarmknipperlichten in, ongeacht de stand van de toets Start/Stop. Deze knop is centraal in het dashboard aangebracht. Met de schakelaar zet u alle knipperlichten aan.

  • De alarmknipperlichten werken ongeacht of de motor draait (¢ indicator AAN) of niet.

  • De richtingaanwijzers werken niet wanneer de alarmknipperlichten ingeschakeld zijn.